Gemeenten soepel met taaleisen voor bijstand
Binnenland

Gemeenten soepel met taaleisen voor bijstand.

Slechts weinig gemeenten korten uitkeringstrekkers die de taal niet machtig zijn. De talenkennis van mensen die een uitkering ontvangen wordt sinds dit jaar getoetst, maar heeft dus nauwelijks gevolgen.

Mensen die in de bijstand zitten en het taalniveau van een 12-jarige niet halen, moeten inspanningen verrichten om beter Nederlands te leren. Als ze dat niet doen, kunnen ze worden gekort op hun uitkering of deze zelfs verliezen. Het idee achter de wet is dat de taal goed spreken de kans op een baan vergroot. 

Maar uit een onderzoek van de NOS onder 170 gemeenten blijkt dat het sterk verschilt hoeveel moeite gemeenten doen om deze taalcontrole uit te voeren. Gemeenten vinden de regel weinig toevoegen, omdat ze al op andere manieren werken aan de taalbeheersing. Bovendien wordt er vaak geen extra geld beschikbaar gesteld voor een taalcursus. 

Rotterdam

Het hoogste aantal uitkeringstrekkers dat de taal niet beheerst woont in Rotterdam. Van de 3.200 mensen die daar dit jaar een uitkering aanvroegen, konden 1.200 niet bewijzen dat ze de taal voldoende beheersen. De gemeente verwacht nog zeker 2,5 jaar nodig te hebben om alle uitkeringstrekkers in de stad te toetsen.

 

 

Alle artikelen geladen. Overzicht →